Een wortelpunt is het uiteinde van de wortel van een tand of kies. Als een zenuw in een tand of kies is afgestorven, bijvoorbeeld na een val, zal de tandarts de zenuw verwijderen (wortelkanaal- of zenuwbehandeling). Wanneer dit niet gebeurt, veroorzaken de afvalproducten van de afgestorven zenuw een ontsteking in het omliggende kaakbot. Na verwijdering wordt het kanaal schoongemaakt en meestal afgesloten met vulmateriaal. Als een wortelpunt sterk gekromd is of als er zich onder aan het wortelkanaal allemaal kleine kanaaltjes bevinden, kan het lastig zijn om het wortelkanaal goed schoon te maken. Een wortelpuntontsteking kan dan, soms al snel maar soms ook na langere tijd, het gevolg zijn. Dit is zichtbaar op een röntgenfoto. Een wortelpuntbehandeling (apexresectie) is nodig om de ontsteking schoon te maken en te voorkomen dat deze zich kan uitbreiden naar het kaakbot.
Een ontsteking in het bot merkt u vaak door pijn (zelfs als de tand of kies “dood” is), precies op de plaats van de ontsteking. Soms ontstaat na enige tijd zwelling van het tandvlees naast die tand of kies. Nog later kan er een bultje op de zwelling ontstaan dat openspringt, waaruit af en toe pus loopt. Dat bultje blijft dan meestal bestaan. Maar soms merkt u er niet veel van en ontdekt de tandarts het bultje (fistel) bij de halfjaarlijkse controle. Indien er nog geen wortelkanaalbehandeling gedaan is, moet dat eerst gebeuren. Indien dit al wel gedaan is, kan de tandarts beslissen om de wortelkanaalbehandeling opnieuw te doen, of om u door te verwijzen naar een mond-, kaak- en aangezichts- (MKA-)chirurg.
Onder lokale verdoving maakt de MKA-chirurg een snee in het tandvlees op de plek van de te behandelen tand of kies. Het tandvlees wordt opengeklapt en de MKA-chirurg haalt de ontsteking weg met een boortje. De MKA-chirurg kort de wortelpunt van de tand of kies een beetje in om nieuwe ontstekingen te voorkomen. De ingekorte wortelpunt wordt schoongemaakt en afgesloten met vulmateriaal. De wond wordt schoongespoeld en met behulp van hechtingen wordt de wond dichtgemaakt. De hechtingen zijn meestal oplosbaar en hoeven dus niet te worden verwijderd.
Na de behandeling krijgt u een recept mee voor een pijnstiller en deze neemt u een uur na de behandeling in. In sommige gevallen krijgt u ook een recept voor een mondspoelmiddel mee. Zolang de verdoving werkt, kan eten en drinken lastig zijn en wordt het dus afgeraden. De eerste dag is het raadzaam de mond niet te spoelen om het bloedstolsel de kans te geven te hechten. Wel kunt u drinken en voorzichtig de tanden poetsen.
U moet rekenen op 5-7 dagen last. Deze bestaat uit zwelling, beperkte mondopening en pijn, die met pijnstillers goed te bestrijden is. U krijgt hiervoor een recept of een advies mee naar huis. De zwelling kan flink zijn en is meestal maximaal op de 2e dag. Het bloedstolsel lost een beetje op in het speeksel, en dus zit er altijd een sliertje bloed in het speeksel wanneer u het uitspuwt. Dat is normaal. Indien de mond volloopt met bloed of gelatineachtige donkerrode stolsels in de mond ontstaan, is er sprake van een nabloeding. Neem in dat geval contact op met de polikliniek MKA-chirurgie.
Wees voorzichtig met warme en harde kost zolang er klachten zijn. Gebruik geen alcohol in combinatie met medicijnen. Ook zonder medicijnen kan alcohol een nabloeding veroorzaken, dus wees voorzichtig. Roken kan de wondgenezing belemmeren.
Voor een goede genezing is het schoonhouden van de mond van belang. U kunt uw mond reinigen met een normale tandenborstel, tenzij uw specialist anders heeft voorgeschreven. De eerste dag na de behandeling kunt u dit aanvullen met het spoelen van de mond met chloorhexidine 0,1%.
Het belangrijkste doel van de behandeling is zorgen dat er geen toxische producten meer in het omliggende bot kunnen komen. Daartoe moet het wortelkanaal (zo goed mogelijk) schoon zijn. Dat gaat het best met een wortelkanaalbehandeling. De eerste voorkeur is dan ook meestal om de wortelkanaalbehandeling opnieuw te proberen. Indien dit niet lukt, is de wortelpuntbehandeling een alternatief.
De belangrijkste complicatie is het terugkomen van de ontsteking. Dit komt ondanks alle inzet en goede bedoelingen toch in 0-20% van de gevallen voor. Laat u dus van tevoren goed uitleggen hoe groot de geschatte kans is dat uw wortelpuntbehandeling het gewenste resultaat oplevert, om teleurstellingen te voorkomen.
Soms ontstaat een storing in de wondgenezing, waarbij pus ontstaat. Die pus loopt vaak door de wond weg of er moet een nieuw sneetje gemaakt worden. Soms wordt daarbij antibiotica voorgeschreven. Afhankelijk van de plaats van de kies, kan een nabij lopende gevoelszenuw schade ondervinden bij de behandeling. Gelukkig komt dit niet vaak voor en komt het gevoel meestal terug; al kan dit maanden duren.
Wanneer de ontsteking bij herhaling terugkomt, kan het beter zijn de tand of kies te verwijderen. Sommigen vinden het daarom prettiger om, indien de geschatte kans op succes niet groot is, niet aan een wortelpuntbehandeling te beginnen, maar het element direct te trekken. Overleg dit met uw MKA-chirurg en bespreek de mogelijkheden ter vervanging van de tand of kies.
Het is belangrijk dat u juiste en duidelijke informatie krijgt. Heeft u na het gesprek met uw specialist of na het lezen van deze patiënteninformatie nog vragen, stel deze dan gerust. Schrijf uw vragen van tevoren op, zodat u niets vergeet.