Wat zijn kaakgewrichtsklachten?
Er zijn verschillende vormen van klachten van uw kaakgewricht. U kunt bijvoorbeeld:
- geluiden horen in het kaakgewricht tijdens het kauwen;
- last hebben van aanhoudende oor- of hoofdpijn;
- kramp of een vermoeid gevoel in de kauwspieren;
- een beperking in het bewegen van de onderkaak.
Vooral afbijten, kauwen, drinken, praten, lachen, geeuwen, zingen, zoenen en tandenpoetsen kunnen deze klachten doen toenemen. Over het algemeen zijn deze kaakgewrichtsklachten meer hinderlijk dan gevaarlijk. Bij de meeste mensen nemen de klachten na verloop van tijd weer af en kan de mond weer normaal gebruikt worden.
Hoe ontstaan kaakgewrichtsklachten?
Er is maar zelden een directe oorzaak aan te geven voor deze klachten.
- Een veelvoorkomende oorzaak is overmatig of verkeerd gebruik van de kaken, tanden en kiezen. Bijvoorbeeld door tandenknarsen, klemmen en/of nagelbijten.
- Als veel kiezen ontbreken, kan dit leiden tot overbelasting van de andere kiezen. En dat geeft weer een overbelasting van het kaakgewricht en/of de kauwspieren.
- Ziekten zoals reumatische aandoeningen kunnen kaakgewrichtsklachten veroorzaken.
- Door psychische spanningen kunnen klachten ontstaan. Tandenknarsen is bijvoorbeeld vaak een gevolg van spanningen.
Wat is de behandeling?
Er zijn verschillende mogelijkheden om kaakgewrichtsklachten te behandelen. Dit hangt af van de oorzaak van de klacht.
- Een uitneembaar plaatje van plastic, ook wel spalk of opbeetplaat genoemd. Het plaatje wordt over de tanden en kiezen in de boven- of onderkaak geschoven.
- Het plaatje kan ās nachts gedragen worden om de gevolgen van het tandenknarsen en klemmen te verminderen.
- Een andere mogelijkheid is het opvullen van de ruimte van ontbrekende kiezen om de kauwfunctie te verbeteren.
- Ook kan de tandarts oefeningen opgeven, bijvoorbeeld het leren om op een andere manier te kauwen.
Soms kunnen klachten niet door de tandarts alleen verholpen worden. De tandarts kan dan doorverwijzen naar bijvoorbeeld een centrum voor bijzondere tandheelkunde (CBT), een mond-, kaak- en aangezichtschirurg (MKA-chirurg), een fysiotherapeut of een tandarts-gnatholoog (een tandarts met specifieke kennis en vaardigheden op het gebied van onder andere kaakgewrichtsklachten).
Wat kunt u er zelf aan doen?
Het is belangrijk dat de kaakgewrichten en de kauwspieren zoveel mogelijk rust worden gegeven. Dus niet te zwaar belasten, maar wel bewegen.
De volgende algemene adviezen zullen de klachten meestal verminderen:
- Vermijd het wijd openen van de mond, bijvoorbeeld met gapen.
- Eet geen hard of taai voedsel, maar kies voor bijvoorbeeld gehakt, puree, appelmoes en brood zonder korstjes.
- Voor het kaakgewricht is het minder belastend als u voedsel met uw hoektanden en/of kiezen afbijt. Dus zo min mogelijk afbijten met de voortanden.
- Neem niet te grote happen.
- Vermijd langdurige belastingen van het kaakgewricht door gewoontes zoals nagelbijten, tandenknarsen, kiezen klemmen en kauwgom kauwen.
- Gebruik tanden niet als gereedschap om dingen, bijvoorbeeld balpennen of spijkers, vast te houden.
- Probeer altijd zoveel mogelijk te kauwen aan de kant waar het kaakgewricht pijnlijk is. Dit is belangrijk omdat er anders te veel āschuine belastingā komt te staan op de kant van het gewricht waar u klachten heeft.